Close

Zuidwest Engeland & Cotswolds #2: de highlights van Oxford (+eettips)

In augustus 2025 werd onze zomervakantie een roadtrip doorheen Zuidwest Engeland & de Cotswolds, met ook tijd voor een citytrip door Oxford. In deze overzichtspost vind je alle info qua vervoer, verblijf en reisplanning. Ik neem jullie daarnaast graag mee naar de highlights van onze trip.

Vorige keer vertelde ik meer over de colleges van Oxford, maar je kan er nog wel meer beleven. Het historische centrum is prima te voet te verkennen.

Bodleian Library met de Radcliffe Camera

Alle wegen leiden in het historisch centrum naar de prestigieuze Bodleian Library met zijn Radcliffe Camera. Het is één van de oudste bibliotheken van Europa. En die bestaat uit meerdere gebouwen. De Weston Library kan je gratis naar binnen, daar vind je enkele expo’s over geschreven werken. Ik zag er een handgeschreven brief van Henry VIII en vond er boeken van Mary Queen Of Scots en Katheryn Parr dus ik was helemaal blij.

Links: binnenkant van de moderne Weston Librabry. Rechts: Tower of the five orders op het binnenplein van de Bodleian Library.

Je kan op meerdere manieren de andere gebouwen van de bibliotheek bezoeken, zonder tour geraak je echter enkel in de Divinity School (2,50 pond per persoon) en dus kozen we voor een begeleide tour. Deze verkopen snel uit want de enige tour die nog vrij was, was de 90 minuten walking tour waarmee je ook de Radcliffe Camera binnen kon en een rondleiding in de stad kreeg. De tour kostte 30 pond per persoon.

We hadden niet de beste gids, maar ik vond het wel leuk om in de Radcliffe camera te mogen. Helaas mag je er geen foto’s nemen. De Radcliffe camera werd gebouwd in de 18de eeuw in barokke stijl met geld van John Radcliffe. Het was de eerste ronde bibliotheek en het gebouw bestaat uit drie etages, waarvan de onderste vroeger open was.

Het gebouw was bedoeld als leesruimte, maar ondertussen bevat het ook zijn eigen boekencollectie en is het sinds begin 20ste eeuw deel van de Bodleian met vooral wetenschappelijke werken. Het is met een ondergrondse tunnel met de rest van de bibliotheek verbonden zodat de boeken niet blootgesteld hoeven te worden aan de weergoden. Wij mochten tijdens die tour ook doorheen de tunnel.

Divinity School

Nadien mochten we ook in de Divinity School, een 15de eeuwse ruimte in gotische stijl. Het is echt een prachtige ruimte (die ook in Harry Potter komt blijkbaar) en langs buiten vind je er een deur ontworpen door Christopher Wren met een boek met Griekse inscriptie.

Ingang Divinity School en Wren’s door

De deur is er gekomen om studenten vanuit de Divinity school het Sheldonian Theatre te laten binnengaan – de plek waar diploma’s nog steeds worden uitgedeeld-. Het theater is ook een gebouw van Wren, één van zijn vroegere gebouwen.

Wren’s Scheldonian Theatre, ook in dit gebouw kan je een rondleiding boeken. Daar hadden we jammer genoeg geen tijd meer voor.

In de buurt van de Bodleian vind je de Bridge of sighs, naar het voorbeeld in Venetië die de twee delen van Hertford college met elkaar verbindt.

Bridge of sighs

Naar de top van de St Mary The Virgin

St. Mary is de gotische universiteitskerk met een woelig verleden. Het is hier dat aartsbisschop Cranmer, degene die Anne Boleyn en Henry VIII ooit trouwde, zijn protestantse geloof niet wou afzweren onder Bloody Mary en uiteindelijk werd veroordeeld tot de dood. Samen met twee andere bisschoppen worden ze herinnerd als de Oxford martelaren.

Het interieur is best sober zoals het een gotische Engelse kerk betaamt. Je vindt er nog 15de eeuws glas-in-lood werk. Tijdens onze tour hadden we de tip gekregen om de toren te beklimmen en te genieten van het beste uitzicht van de stad. Binnen staat er dan ook een rij wachtenden aan te schuiven en wij sloten ons aan.

Voor 6 pond per persoon mag je de 127 trappen (dat viel goed mee) betreden en krijg je een buitengewoon uitzicht over de universiteitsstad.

Met een prachtig zicht op de Radcliffe Camera

Het was zoals je ziet mooi weer en dat geeft de typische zachte steen van alle gebouwen zo’n mooie warme gloed. Je waant je voortdurend in een andere eeuw als je in Oxford ronddwaalt.

Links: zicht op High Street met de toren van Magdalen College in de verte. Rechts: All Souls college

Als je dus niet veel tijd hebt in Oxford: beklim dan zeker de St Mary’s en je hebt een goed zicht op de stad.

Blackwell’s books

Genoeg gebouwen gezien? Dan kan je boeken gaan shoppen in één van de mooiste (& grootste) boekenwinkels waar ik al ben binnen geweest. Blackwell’s bookshop is een waar boekenparadijs. Een instituut in de stad.

Carfax Tower & Saint Michael at the North Gate

Naast alle historische gebouwen vind je in Oxford ook een heel druk winkelgedeelte. Onze gids noemde het ’the worst street of Oxford’. Maar ook hier is de geschiedenis niet ver weg en duiken enkele torens op. Zoals de Carfax Tower, een klokkentoren die nog rest van een oude kerk. We bekommen hem niet, maar het kan wel ;).

Links: St. Michael at The North Gate. Rechts: Carfax Tower

Of de toren van St Michael at The North Gate. De oudste kerk van de stad met een saksische toren uit de 10de eeuw die je ook op kan, maar bij ons werd die gerestaureerd. Het interieur is niet heel speciaal, maar je kan er gratis binnen.

Ashmolean Museum

Oxford telt meerdere musea. Aan het National History en het Pitt Rivers museum zijn we niet geraakt, maar we deden wel het bekende Ashmolean Museum. Toegang is gratis.

Het Ashmolean museum combineert kunst met architectuur. Het is tevens het oudste museum van het Verenigd Koninkrijk en het eerste universiteitsmuseum ter wereld. Het is ook echt ontzettend groot, dus het is wat kiezen wat je wil doen.

Links: prachtig beschilderde kast. Rechts: plaster casts van bekende werken. Ik vind plaster casts altijd wel fijn eigenlijk.

Wij kozen om wat van de archeologie over de Egyptenaren mee te pikken en nadien de kunstcollectie te bekijken. Ik vond het een prachtig museum en zag enkele super mooie dingen. Er hangen soms van die highlights stickers op de grond en dus focuste ik daar op. Want dat heb ik wel met van die immense musea: ik heb het dan moeilijk om een focus te vinden.

We bezochten het Ashmolean op de laatste dag van onze hele trip dus de vermoeidheid was het dingetje. We gingen binnen vlak na openingstijd en hadden veel zalen voor ons alleen. Maar nadien was het wel wat op. Maar wel echt een aanrader, zeker bij regenweer.

The Covered Market

Misschien wel mijn favoriete plek in Oxford: de overdekte food court The Covered Market met ook wat leuke winkeltjes. En helemaal ingericht in het thema van Alice In Wonderland – omdat Lewis Carroll in deze stad dus het gelijknamige boek schreef tijdens zijn studententijd.

We aten twee keer pizza bij Sartorelli’s, omdat die zo goed was, en kochten koekjes bij Ben’s cookies.

Eettips

Een paar dagen in Oxford, dat zijn natuurlijk ook eettips. Het aanbod in Oxford is niet enorm en soms nogal toeristisch, maar wij vonden wel enkele lekkere plekken.

  • Koffie en ontbijt vonden we bij Missing Bean, net om de hoek van The Covered Market
  • Tegenover St. Michael at The North Gate vind je ook de koffiebar New Ground
  • Het Londens Indische instituut Dishoom heeft ook een restaurant in Oxford. Hier gingen we twee keer eten. Reserveren is sterk aan te raden. Het concept is hier een permit room waar je vooral kleinere gerechten kan delen. Je kan hier ook ontbijten.
  • In het winkelcentrum Westgate, vlak bij ons hotel, vonden we ook een Comptoir Libanais.
  • We aten dus twee keer pizza bij Sartorelli’s op The Covered Market. Yum!

Sartorelli’s

  • En we doken Gusto binnen op de High Street voor een pasta.

Ik moet eerlijk gezegd toegeven dat ik op voorhand niet had gedacht Oxford zo leuk te vinden. Het is er altijd druk want dit is zo’n uitstap die ook vervat zit in het schema van veel touroperatoren.

Overdag is het dus soms over de koppen lopen, maar na het avondeten daalt de rust neer en ben je bijna alleen met de historische gebouwen. En gezien we zo’n mooi weer hadden genoot ik daar volop van. Het was het ideale start- en eindpunt van onze trip. Ik zie mezelf nog eens terugkeren.

Ben jij al eens in Oxford geweest?

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Vakantieversie

Waarom kijken we eigenlijk zo uit naar vakantie? En kijken we echt uit naar die lege dagen zonder werk of andere verplichtingen om helemaal zelf te vullen? Naar dat vliegtuig of de trein die ons naar ergens anders brengt? Of kijken we vooral uit naar die versie van onszelf die we op vakantie zijn?

Die versie die tijd neemt voor een kop koffie ’s morgens. Die nieuwe dingen ontdekt. Eens op een ander uur van de dag gaat uiteten. Een woord leert in een andere taal. Die een berg beklimt of een souvenir koopt voor op de kast. Is dat wie we zo graag willen zijn? Ik vermoed het.

Maar is dat wie we zijn? Of zijn we die persoon die op een drukke werkdag op de zetel neerploft om nadien zichzelf gehaast in sportkleren te wringen en te eindigen met een portie Netflix & chill met de smartphone in de hand?

We zijn veel meer dat tweede dan dat eerste. Daarom willen we zo graag dat eerste zijn. En een vakantieperiode geeft ons de illusie dat we dat ook kunnen zijn. En misschien zijn we ook wel gemaakt om zo te zijn, maar houdt die rat race ons van die bestemming? Misschien is het een kwestie van meer vakantie te integreren in ons gewone leven. Maar wat maakt dan nog vakantie?

Ach ja, eerst maar genieten van die vakantie zeker.

– In de reeks korte mijmeringen over het leven, eentje over vakantie, geluk en de rat race.

Dagdroom van een vakantiehuis

In de zomer hebben het lief en ik een guilty pleasure die ‘Met vier in bed’ heet. Een programma (op vtm, maar er is ook een Nederlandse variant onder een andere naam denk ik) waarin elke week B&B of vakantiewoning eigenaars hun deuren openzetten voor elkaar en elkaar beoordelen.

Het is soms een nogal cringy groep mensen met een hoop boomeruitspraken (want de gemiddelde B&B eigenaar is een boomer of iemand met te veel geld gekregen van de ouders als ze wat jonger zijn – sorry not sorry 😅). En het is niet bijster goed gemaakt, maar we kijken het toch.

Achter de schermen in de kamers kijken en het interieur beoordelen, zien wat je als ontbijt krijgt en ontdekken wat je in de omgeving kan doen. Zo’n programma doet toch wat wegdromen van vakantie.

Na X aantal seizoenen zijn de B&B’s in ons Belgenlandje stilaan op en vroeger gingen ze dan al eens een week naar het buitenland, maar het budget is daarvoor ook precies op. Dus tegenwoordig doen er veel vaker eigenaars mee van een vakantiewoning. En meestal is een vakantiewoning gericht op een groep mensen, vrienden of familie die zo’n huis samen huren.

En stiekem doet me dat dromen. Ik heb niet echt een vriendengroep of familiegroep waarmee ik elk jaar op weekend ga. Misschien vorm ik daarin een uitzondering want ik ken wel veel mensen die dit wel doen. Sommigen zelfs met meerdere groepen per jaar. En eerlijk: ofwel kijken ze daar keihard naar uit, ofwel haten ze het, haha.

Maar het romantische idee om tijd door te brengen samen in een groot huis, activiteiten te doen overdag, samen te koken en bij te babbelen tot ’s avonds laat… het heeft iets. Het is iets onbekend voor mij en daarom trekt het me waarschijnlijk net aan.

Ik denk nochtans dat het niets voor mij zou zijn. Ons jaarlijks weekend met het werk is één nacht in zo’n vakantiehuis en hoewel ik er naar uitkijk vergeet ik elk jaar opnieuw hoe hard mijn introvert neurodivers persoontje ervan overprikkelt geraakt. Het net kort genoeg om er toch nog van te genieten.

Dat is anders dan tijdens die twee weekends die ik eens aan zee met mijn schoonfamilie heb doorgebracht. Dat was te veel met mensen die ik niet goed genoeg ken of kan inschatten en te weinig structuur in hoe de dingen dan lopen. Ik doe eigenlijk graag mijn ding op mijn tempo. En ik kan me wel aanpassen aan anderen (grote pleaser hier), maar dat kan ik alleen als ik de mensen wat ken (zoals bij mijn collega’s).

En toch, als ik dan die vakantiewoningen zie op tv… Dan zie ik mezelf daar zitten aan die barbecue met zicht op een stukje natuur en een glaasje bubbels in de hand terwijl ik mijn tijd deel met mensen die ik graag mag. Het is zo’n extravert ideaal waarop ik mezelf betrap dat ik erover dagdroom. Gewoon even niet enkel maar bijpraten maar echte herinneringen maken.

Wegdromen mag zeker 😉

Ga jij al eens op weekend met een grotere groep of vind je dat net horror?

Wenen #2: De binnenstad met het Albertina

In juni 2025 trokken Leen en ik voor vijf dagen naar Wenen. Tijdens een hittegolf nota bene en dus genoten we van het buitenleven in de Oostenrijkse hoofdstad die jaar na jaar wordt verkozen tot meest leefbare stad van Europa. Ik wist zelf totaal niet wat te verwachten van deze stad en neem jullie graag mee doorheen onze trip.

Na een eerste dag in het Freihausviertal met vooral veel art nouveau, doken we op de tweede dag het Wenen van de Habsburgers in. We begonnen met een metroritje naar en wandeling doorheen het Stadtpark. Soms moeten namen niet complex zijn: dit is het grootste park van de stad.

Daar vind je het Wienflussportal waar het kanaal doorstroomt, een stukje architectuur uit begin 20ste eeuw dat ik wat verloederd vond. Nog in het park te vinden: een gouden standbeeld van Johann Strauss, één van de vele klassieke componisten waar de stad heel trots op is. En waarbij bussen Japanners stoppen voor een selfie.

Vanuit het park wandelden we doorheen een – ook in juni – heel rustige binnenstad. Ik schrok er echt van hoe niet toeristisch Wenen bleek in de zomer? In de winkelstraat passeerden we langs de prachtige gevel van glazenwinkel Lobmeyr.

Een bezoek aan de Kapuzinergruft stond niet het allerhoogst op ons lijstje, maar leek wel nuttig om de Habsburgers hun macht te begrijpen. Het zijn de keizerlijke crypten waar de meesten vooral langsgaan om het graf van Sisi te bewonderen. Er liggen maar liefst 12 keizers en 18 keizerinnen begraven en nog heel wat andere mensen (145 in totaal!). Voor 13 euro mag je naar binnen.

Ik schrok van de omvang van de crypte. Het was er zooo groot. Bij elke kist stond wel een bordje – met soms heel tragische levensverhalen – om zo toch wat meer te weten over de personen in kwestie. Het immense praalgraf van keizerin Maria Theresia, waar ook haar minder gekende man Frans I Stefan in ligt, is de absolute blikvanger. Het rococograf zit boordevol kleine maar weelderige details.

Praalgraf van keizerin Maria Theresia.

Ook het drieluik met het graf van Sisi, haar gemaal Franz-Joseph en kroonprins Rudolf – die zelfmoord pleegde voor hij de troon kon bestijgen – is populair. Het laatste graf werd in 2011 toegevoegd aan de crypte en was voor de zoon van de laatste keizer. Je loopt chronologisch door de crypte. Sommige graven zijn echte kunstwerken op zich, al zie je het wel soberder worden naarmate de tijd vordert.

Terug boven, konden we wel iets minder serieus gebruiken en streken we neer op het terras van Konditorei Oberlaa voor aphelstrudel, hét Weense dessert bij uitstek. Oberlaa is één van de vele gekende koffiehuizen in de stad.

Alle wegen in het historische centrum leiden naar de Stephansdom op de Stephansplatz. In de volksmond wordt dit de steffl genoemd en deze gotische kerk is één van de uithangboren van de stad. Ik vind het dak ook echt prachtig met al die kleurtjes :).

Er staat telkens een lange rij voor de ingang, maar die gaat wel goed vooruit. Je mag namelijk een deel van de kerk gratis in, daarom is het er over de koppen lopen. Een ander deel is betalend – de meerwaarde om ervoor te betalen (7 euro voor enkel de hele kerk te doen) leek ons nogal klein. Tenzij je op het dak wil – wat dan weer 25 euro extra kostte – maar dat sloegen we over.

We volgden verder onze wandeling van Time To Momo langs de Jesuitenkirche, een witte sobere kerk langs buiten maar met veel marmeren barok binnenin. Je kan gratis naar binnen.

Via de oude steeg Griechengasse kwamen we uit op de grote Schwedenplatz die leidt naar het Donaukanaal. Lijkt me ook wel fijn om hier wat langs te wandelen, maar we keerden terug naar de stad.

We deden nog even een ommetje tot aan de Postsparkasse, een art deco gebouw van Otto Wagner. Het was niet heel duidelijk of je er binnen kon, maar de conciërge hield ons niet tegen en dus wandelden we tot aan het atrium, waar een café zit dat helaas gesloten was.

Hierna kozen we op den wilde bots voor een gezellig terras in een steegje vlakbij het Mozarthaus – muziekliefhebbers vinden heel wat interessante musea in Wenen. Chamaleon belooft Zwitserse keuken, maar wij genoten vooral van een lichte lunch.

Links: Chamaleon. Rechts: Staatsopera.

Volgende stop is de enorme Staatsopera. Maar echt: dit gebouw is zoo immens. Het is in neoclassicistische stijl en om de binnenkant te bewonderen koop je waarschijnlijk best een ticket voor één van de voorstellingen of voor een begeleide tour. Dat is voor een volgende keer.

We bleven maar rond dit gebouw wandelen precies… :D.

Rechts: grappig worstenstandje met reuzenkonijn.

We hadden ons voorgenomen om elke dag een museum mee te pikken. In Wenen is de keuze immers groot. Het Albertina is gespecialiseerd in kunst vanaf de tweede helft van de 19de eeuw – en dat is wel een periode die ons beiden interesseert. Ze hebben ook nog twee andere musea in de stad met meer moderne en hedendaagse kunst, maar dit is het bekendste.

Hun huidige ‘permanente’ Batliner collectie ‘Van Monet tot Picasso’ was het doel van ons bezoek. Het gebouw op zich is ook interessant: het is een soort stadspaleis met ook heel moderne elementen aan en een fotogenieke trap.

Het museum heeft meerdere verdiepingen. Op de eerste verdiepen vind je de tijdelijke expo’s, op de tweede verdieping de ‘state rooms’ van het paleis en op de bovenste dan de Batliner collectie die voor een langere tijd te zien is.

Om dat allemaal te kunnen doen, heb je best wat tijd nodig dus wij deden alleen de ‘Van Monet tot Picasso’ expo en waren daar twee uur mee zoet. Een toegang kost 19,90 euro per persoon voor het hele gebouw.

Ik moet zeggen dat de expo één van de beste is die ik ooit heb gezien. Ik ben een enorme fan van de periode impressionisme en alles wat erna komt en wat ik hier heb gezien is van zo’n hoog niveau. De zalen waren ook prachtig – zei het zeer sober – ingericht.

Het begint met impressionisme: waterlelies van Monet, ballerina’s van Degas, het pointillisme van Signac… daarna loop je over in het expressionisme, surrealisme en eindigen doe je met het kubisme van o.a. Picasso.

Picasso en Monet dus. Maar ook Renoir, Matisse, Braque, Modigliani, Miro, Delvaux en Magritte, Malevich, Kandinsky, Munch en natuurlijk de lokale kunstenaars Kokoschka, Schiele en Klimt. Ze hangen er allemaal.

Dikke aanrader voor de kunstliefhebber. Eentje om zeker naar terug te keren in mijn geval :D.

Met zo’n zwoele 32 graden zochten we nadien verkoeling bij Gelateria La Romana, ongetwijfeld het beste ijs van de binnenstad (én een gekende naam voor wie al eens in Italië vertoeft). Nadien even tijd om ons op te frissen en we aten een heerlijke pizza bij Disco Volante – ver uit het centrum op wandelafstand van onze slaapplek in Margareten. Weer een geslaagde dag!

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Juli

Tja, wat kan ik zeggen over juli? Een heerlijke zomermaand, waarin ik nog geen vakantie had en dus toch ook veel in de airco op het werk zat. En op mijn terras met een boek, dat ook.

Er waren wat leuke sociale momenten met een dag in Brussel en een voetbalavond op de Oude Markt van Leuven. Ik kreeg eindelijk de uitslag van mijn intoleranties en weet nu dat ik melk, ei en bepaalde noten absoluut voor enkele maanden moet vermijden. Gluten ga ik wel eens wat vroeger mogen opstarten, maar nu nog even niet. Dus het werd weer een maand van zoeken.

Ik vierde mijn 10de werkverjaardag en kreeg een trip cadeau naar Bologna in oktober. Ik ben nog altijd wel een beetje aan het zwemmen op het werk, maar ik geniet ook wel van de groep en van de iets vrolijkere sfeer die er tijdens de zomermaanden altijd hangt.

Links: Panorama Mesdag. Rechts: Mauritshuis

Het verlengde weekend van 21 juli boekten we last-minute drie nachten in Den Haag. Den Haag is dé kunststad bij uitstek en dus deden we vooral heel wat musea. Voor de rest vond ik de stad wel heel gezellig qua cafés en restaurants (maar het was goed zoeken naar glutenvrij- en zuivelvrij eten, dat wel) en kan je er goed shoppen. Den Haag mist nog net iets meer afwisseling in dingen om te doen om helemaal mijn ding te zijn.

Gezelligheid in Den Haag

Maar het waren toch vooral de musea die ik geweldig vond. Het Mauritshuis vond ik leuker dan verwacht, Panorama Mesdag was een ontdekking, in het Kunstmuseum genoot ik van de architectuur en Mondriaan, Escher in het Paleis was vooral druk en Museum Voorlinden was een prachtige afsluiter.

Kunstmuseum Den Haag met de Victory Boogie Woogie van Mondriaan.

Museum Voorlinden had een expo van choreograaf William Forsythe en die was wel goed, maar ik viel vooral voor de expo rond stilte met werken uit de collectie en de werken die je er voortdurend kan bekijken. Aanrader voor hedendaagse interactieve kunst wel!

We gingen ook nog even met de tram naar het strand van Scheveningen. Het was iets kouder dit weekend, maar ik genoot er wel van om even weg te zijn.

Links: Scheveningen. Rechts: in Erlich’s ‘Swimming pool’ in Museum Voorlinden, ik wist niet goed welke pose ik moest doen, haha :D.

Nadien gingen we naar de wellness op een prachtige zonnige dag en ik trok ook nog naar het Rivierenhof in Antwerpen met twee vriendinnen. Er is nog zoveel dat ik wil doen deze zomer en het gaat allemaal weer veel te snel. Maar ik probeer echt van alle kleine momentjes te genieten.

OLT

Ondertussen blijf ik zoeken naar een goede, fitte versie van mezelf. Mijn darmtraject doet niet wat ik had verwacht dus dat blijft wat zoeken en ook mijn stress is niet per se onder controle. Maar ik voel ergens dat ik wel stappen zet en ik probeer in het proces te geloven. Niet alles tegelijk.

Gelezen

Er werd goed gelezen, met dank aan het mooie weer :).

  • Lessons in chemistry (Lessen in chemie) van Bonnie Garmus kreeg ik van een collega voor mijn secret santa. Het is een populaire debuutroman met een feministische tint. Ik vond het verhaal wel echt fijn, ook al hou ik normaal niet zo van die quirky hoofdpersonages. Ik heb meermaals moeten lachen, al zijn bijna alle mannen in dit boek eikels. Ik had iets minder met het hele koken is chemie ding. Maar het was een originele insteek. Hartjes voor six-thirty, want ik hou normaal ook niet zo van antropomorfe dieren in boeken maar hier dus wel. Bon, ik snap de hype. Lees het dus zeker eens.
  • Kruistocht van een koningin was mijn eerste historische roman van de Nederlandse Simone Van der Vlugt. Er zijn niet zoveel boeken over de grote Isabel Van Castilië en deze roman vertelt haar levensverhaal goed. Isabel is heel menselijk in dit boek, ook doet ze soms erge dingen. Een mooi boek voor wie haar wil leren kennen. Zeker graag gelezen.
  • The lion women of Tehran van Marjan Kamali gaat over twee vriendinnen die opgroeien in Tehran Iran en zich als vrouw door de politieke achtergrond van dat land moeten bewegen. Dit boek is echt heel goed en heel relevant om vandaag te lezen. Beetje zoet soms, maar het schuwt het harde niet. En een heel herkenbare vriendinnenrelatie. Deze haalt mijn eindejaarslijst denk ik.
  • The black friar van S.G. Maclean is dan het iets mindere boek uit deze lijst. Een moordmysterie met opnieuw Damian Seeker in de hoofdrol dat verder bouwt op deel één. Maar ik raakte er deze keer niet in. Ook al is het geen slecht boek, het mysterie is zelfs heerlijk complex. Dus zeker een auteur om te proberen voor de fans van historische mysteries.

Hoe was jouw juli?

Hoofdstukloos

Het leven van een kind is tegelijk voorspelbaar en verrassend. Het jaar heeft duidelijke hoogtepunten om naar af te tellen: de start van het schooljaar, herfstvakantie, Sinterklaas, Kerstmis, Pasen, je eigen verjaardag en twee maanden zomervakantie. Je ouders nemen beslissingen en dus plots zit je op een camping in Frankrijk, krijg je een nieuw stuk speelgoed of staat je lievelingseten op tafel.

En ieder jaar is er wel weer iets nieuws: je leert stappen, fietsen, zwemmen, lezen en rekenen, doet je communie of lentefeest, gaat naar het middelbaar, maakt nieuwe vrienden… Het leven als kind is als een boek met hoofdstukken. Er is altijd wel weer iets om naar uit te kijken. Er start altijd wel weer een volgend hoofdstuk.

Als volwassene is het anders. Ja, er zijn ook vakantieperiodes en familiefeesten en ergens is er die dag dat je verjaart – en als je pech hebt, ben je dan een dag verlof vergeten nemen. Ik kan mijn vakantiebestemming uitkiezen, ik kan iets nieuws voor mezelf kopen, terwijl ik tegelijk alle rekeningen en kosten probeer in orde te brengen en ik kan koken en eten wat ik wil. Maar ik moet het wel zelf doen.

Maar laat ons eerlijk zijn. Ik ben in 10 jaar tijd nog nooit langer dan twee weken niet gaan werken. En intussen is er die eindeloze lijst aan dingen regelen, zien dat je nog schone kleren hebt en dat er iets voedzaam in de koelkast ligt. Je krijgt een boze mail op je werk en trekt het je te veel aan. Je raapt een verkoudheid op en de kraan in de badkamer lekt. En dat gaat door en door.

En natuurlijk gebeuren er ook grote dingen. Je wordt verliefd, je trouwt, je verhuist, je krijgt een kind, je verandert van job. Of je verliest een dierbare, gaat uit elkaar, verliest je job. Maar die zaken zijn niet altijd voorspelbaar. En je kan ze zeker niet bestellen. Veel mensen volgen niet het vaste pad. Het plot van het leven is niet duidelijk. Een volgend hoofdstuk wordt niet op voorhand geschreven.

En zo is een volwassen leven veel meer hoofdstukloos. Een aaneenschakeling van bladzijden waar vaak hetzelfde op staat en soms iets nieuws een plek vindt. En meestal is dat niet erg. In een goed boek hoef je geen hoofdstukken, maar soms is die pauze wel handig. Even die bladwijzer ertussen en laten bezinken wat je net hebt gelezen.

Zo’n bladwijzer, ik zou hem kunnen gebruiken.

Malaga #3: Soho & Muello Uno

In februari 2025 gingen het lief en ik de zon opzoeken in Malaga. We verbleven bij Tandem Soho suites, een appartementcomplex in de hippe Soho wijk. Naast een uitstap naar het Alhambra van Granada, werd het vooral een chille citytrip in deze kuststad. Ik laat je met plezier de fijnste plekken van de stad zien.

Vorige keren zagen jullie dat Malaga een mooi historisch centrum heeft met resten uit allerlei tijden. Vandaag neem ik jullie mee naar het hipper gedeelte van de stad.

Soho

Toen wij een appartement boekten lazen we overal dat Soho een hippe wijk is met veel restaurants, bars en street art. Dat klonk goed, dus boekten we meteen.

Street art in Soho met rechts de kameleon van de Gentse ROA.

Maar ik moet zeggen dat Soho (niet te verwarren met de gelijknamige wijk in Londen) wat tegenviel. Het kan ook aan de timing gelegen hebben, we waren er in februari – niet meteen het hoogseizoen. Ik vond het uiteindelijk niet zo levendig als verwacht, veel restaurants waren dicht, de street art was minder dan verwacht én het leek vooral een toeristenbuurt.

Links: één van de (verlaten) straten in Soho. Rechts: de boulevard Alameda Principal heeft een leuk voetgangersgedeelte.

Vroeger was er hier een street art festival en werden er best wat grote namen uitgenodigd om een werk te komen maken. Er was toen ook het Centro de Arte Contemporáneo de Málaga – een museum voor hedendaagse kunst dat het festival organiseerde, maar dat is ondertussen gesloten. Je vindt er wel nog de mural Paz y Libertad (Vrede en vrijheid).

Links: Paz y libertad. Rechts: nog een ROA.

Muello Uno

Naast Soho ligt Muello Uno, een kleine wijk rond het haventje. Met het parque de Malaga waar je altijd schaduw vindt en een wandelboulevard met paravang.

Langs de kade van de haven zit een winkelcentrum, restaurants en bars- van de toeristische soort, een openlucht markt… En je vindt er ook een opvallende kleurrijke kubus. Het uithangbord van het Centre Pompidou Malaga – het kleine boertje van het bekende moderne kunstmuseum in Parijs.

Links: de paravang met één van de weinige Invader werkjes die in Malaga zijn mogen blijven hangen. Rechts: Centre Pompidou.

Wij wilden het museum bezoeken op zondagnamiddag en bij aankomst kregen we te horen dat als we nog een half uur wachtten we om 16u gratis naar binnen mogen. Zondag na 16u is toegang dus gratis. Het is uiteraard veel drukker dan, maar we kozen toch voor die optie. Op andere dagen kost een ticket voor het hele museum 9 euro per persoon, dat valt nog best mee dus.

Ieder jaar is er één groter thema waaraan de permanente collectie wordt gewijd. Bij ons was dat ‘place-ness’, daarnaast variëren er telkens wat tijdelijke expo’s – bij ons eentje over de architect Vilanueva.

Het museum ligt onder de grond, wat zorgt voor grote open ruimtes. Het is allemaal mooi opgebouwd, maar de werken zijn misschien iets minder toegankelijk dan in andere moderne kunst musea. Ik vond het wel fijn dat je in de binnenkant van de kubus kon gluren (je mag er helaas wel niet ‘in’).

Malaga pakt graag uit met zijn status als museumstad en het Centre Pompidou was wat mij betreft het museum met de meeste internationale uitstraling. Iets waarvoor je regelmatig zou kunnen terugkomen. Dus het heeft zeker een grote waarde voor de stad denk ik.

Vanuit Muello Uno loop je heel snel het strand van Malagueta op. Verder is Malagueta een typische strandbuurt, met veel appartementen, toeristenrestaurants en winkeltjes. Ik ben geen strandvakantieganger, maar kan me voorstellen dat wie van de combo citytrip-strand houdt, hier zijn gading wel vindt. Wij hielden het bij een avondwandeling op het strand.

Voila, dat was alweer een heel ander luikje van de stad. Eettips, ook in Soho, gaf ik al mee in deze blogpost.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Een kort stukje tijd

Het is er als je goed oplet. Een soort sweet spot. Tussen warmte en koelte. Tussen dag en nacht. Het is er niet lang. Nog net voor de schemering. Na een klein half uur is het voorbij. En je kan het maar enkele zomerse weken op een jaar vinden, als het weer meezit.

Het gaat om dat korte ogenblik dat buiten de zware warmte niet langer op je drukt maar de zon al ondergaand nog wat laatste stralen op je huid loslaat. De wind die het moment niet wil verpesten en dus voor een briesje kiest. De lucht die een schilderij vormt waar ze in een museum een kunststoffen bank zouden voorzetten.

Wel exact dat moment, is een moment om te ‘pakken’. Om in je op te nemen. Buiten te staan en de natuur te observeren. De dagtaak van de bijen zit er op, vlinders fladderen nog wat rond en er vliegen eenden over je hoofd. Het is zo’n moment waar het woord ‘moment’ is voor uitgevonden. “Een kort stukje tijd” staat er in het woordenboek.

Een kort stukje tijd. Ik zou het willen rekken. In een bokaal willen opsluiten zodat ik het kan openen wanneer ik er nood aan heb. Kan iemand dat voor mij onder de kerstboom leggen dit jaar?

– In de reeks korte mijmeringen over het leven

Londen #24: van Tate Britain naar de Saatchi Gallery tot in Hyde Park

In oktober 2024 gingen we op herfsttrip naar de Britse hoofdstad en deden we weer heel wat nieuwe dingen die ik graag met jullie deel. Vandaag besloten we Chelsea in te trekken, met eerst een tussenstop bij Tate Britain.

We ontbeten bij onze favoriete koffiebar aan St. James, Formative Coffee (alle food en koffie spots vind je in deze blogpost) en wandelden tot aan Tate Britain want de herfstzon scheen volop. Uiteindelijk kwamen we vlak voor openingstijd aan bij het museum. Het was één van de vele Londense musea die nog op mijn lijstje stond.

Tate Britain focust voornamelijk op Britse kunst (deuh), heeft een enorme collectie van William Turner én covert blijkbaar wel een ruime periode: van de Tudors tot moderne kunst. Dat laatste wist ik niet: ik dacht dat alle moderne kunst in het grotere broertje Tate Modern hing, maar dat is dus niet zo.

Tate Britain is een staatsmuseum, toegang tot de permanente collectie is gratis, enkel voor expo’s moet je betalen. Binnen kom je via een prachtige neoclassicistische entreehal met glazen koepel waarin je met de trap naar het café op de eerste verdieping kan.

Ik wist ook niet dat het museum zo enorm groot was binnen. De zalen zijn allemaal gigantisch en nemen je per tijdsperiode mee doorheen de Britse kunstgeschiedenis. Het is te veel om in één keer allemaal in detail te bekijken.

Wij kozen voor een paar zalen van de oudere kunst, liepen door de zaal met Turners (maar ik heb niet zo veel met hem, behalve zijn schilderijen van schepen) en bekeken de moderne kunst en tijdelijke installaties die er stonden.

Er is ook grote aandacht voor de pre-Rafaellieten met voorop John Everett Millais. Swifties zullen geïnteresseerd zijn in zijn Ophelia (waarvan ik een foto vergat te nemen blijkbaar). Ik hou wel van hun dromerige nostalgische kunst met vaak een ginger beauty centraal.

Links: John Singer’s ‘Lady Macbeth’. Rechts: John William Waterhouse, ‘The lady of Shalott’. Deze twee trokken duidelijk meer mijn aandacht dan Ophelia, oeps!

Buiten aan het museum staat ook een standbeeld van Millais. Er zijn daarnaast ook werken van Frederic Leighton (je weet wel, die van Leighton House dat we eerder bezochten) en bijvoorbeeld Rossetti.

Links: zeer mooi zaaltje vond ik. Rechts: de collectie van William Turner, ooit wil ik wel eens terug als ik wat meer van de man en zijn werk afweet.

Het museum pakt dus vooral uit met zijn enorme collectie Turners, de artiest schonk zijn werken bewust aan de natie. Tijdgenoot John Constable is nooit ver weg en kan je dus ook voldoende spotten.

Bij de moderne kunst afdeling vind je ook enkele grote namen zoals David Hockney en Francis Bacon en in de hoofdgang etaleren hedendaagse kunstenaars hun werk.

Ik weet niet of het kwam omdat we er redelijk vroeg waren (we liepen er denk ik tussen 10u en 12u rond), of omdat het er zo groot is, maar het was er nooit echt druk. Tate Britain ligt natuurlijk wat verder weg van het toeristische hart van Londen. Maar de kunst is echt wel van hoog niveau en ik vond het een enorm inspirerend bezoek. Zeker de moeite waard! Dichtstbijzijnde metrohalte: Pimlico.

Verder dan Tate Britain hadden we de dag niet echt gepland, we besloten de metro te nemen tot aan Sloane Square in hartje Chelsea. Eerst aten we iets bij Comptoir Libanais om nadien een bezoek te brengen aan de Saatchi Gallery.

Saatchi Gallery is een hedendaagse kunstgalerij, geen museum dus. Je kan de expo’s wel gratis bezoeken. Ze zitten op deze locatie sinds 2019. Het is een enorm mooi neoclassicistisch gebouw met een park voor.

Wat ze er tonen verandert voortdurend: van schilderijen, tot installaties, tot filmproducties. Het zijn mooie grote zalen en er is een leuke shop. Dichtstbijzijnde metrohalte: Sloane Square.

Misschien wat arty allemaal, maar ik merk zelf: hoe meer ik musea bezoek en met kunst bezig ben, hoe kleiner de stap wordt om in een volgend museum of zo’n kunstgalerij binnen te stappen. Ik laat het idee ook los dat ik alles hoef te snappen of mooi moet vinden. Kunstbeleving is per definitie iets persoonlijk, en je hoeft niet uren door te brengen in een museum. Soms is er even binnenspringen en iets zien dat je inspireert of raakt voldoende.

Na deze galerij besloten we van Chelsea naar Hyde Park te wandelen, omdat we wisten dat daar een pompoen van Yayoi Kusama stond, ter ere van haar expo in Victoria Miro die we eerder bezochten. De architectuur van Chelsea en het nabijgelegen Belgravia vond ik ook mooi.

In Hyde Park hing een fijne herfstsfeer, ook al regende het. De pompoen van Kusama stond ergens in de omgeving van The Serpentine Gallery, dat is weer een andere kunstgalerij. Wat toegankelijker dan Saatchi denk ik, want ze hebben een paar kleine paviljoens doorheen het park en verder staat er ook gewoon kunst in openlucht.

We liepen binnen bij één van de paviljoens en vonden de pompoen eerst niet en dan plots wel, in de buurt van Kensington Palace.

The Serpentine South Gallery, van buiten af én een foto van de expo binnen.

We dachten eerst nog naar The North Gallery van de Serpentine te wandelen, daar is nog meer te zien, maar het regende dus gingen we ergens koffie drinken.

Een levensgrote Kusama en ik had een bijpassende jas aan ;). De pompoen staat er ondertussen niet meer.

Nadien was het wel weer wat droger en wandelden we via Buckingham Palace naar Westminster om uiteindelijk op Trafalgar Square te eindigen. En zo hadden we weer een groot aantal wijken van Londen doorkruist op één dag en was de kaars uit :).

Ben jij al eens in een kunstgalerij geweest?

Alle Londen food tips vind je trouwens in deze blogpost die ik regelmatig bijwerk.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Analoge postkaartjes #2

Ik deelde al vaker wat kiekjes en lessen van analoge fotografie met een wegwerpcamera (hierhier en hier). Na Tallinn was mijn volgende Kodak van 40 foto’s vol en dus deel ik vandaag het resultaat.

Ik liet mezelf wat vaker fotograferen deze keer, omdat ik merkte dat foto’s met mensen op meer sfeer geven. Ik probeer ook wat vaker de vibe te vangen en de minder typische toeristendingen te fotograferen.

Tallinn

Op onze laatste dag gingen we langs de brutalistische Linnahall, een sinds 2009 verlaten concertzaal die overgroeid raakt door de natuur. Ideaal om de camera boven te halen. Het weer was ook goed deze dag dus dat zorgt voor een heerlijke blauwe lucht.

Ik liet mezelf wat vaker op foto nemen en Leen zorgde steeds voor het perfect kader met de stadsomwalling.

Soms was het wat slechter weer, maar dan krijg je met dat analoge effect toch nog een warm gevoel.

En nog meer try-out kiekjes met mezelf op.

Soms zorgt overbelicht nog wel voor een leuk effect. En voor het eerst nam ik eens een uitzichtsfoto waar ik content van ben.

Keulen

In Keulen ging de camera ook even mee en nam ik voornamelijk foto’s met de dom op. Eentje op het dakterras van het Ludwig en eentje aan de overkant van de brug.

Andalusië

In de vorige post zag je al enkele analoge foto’s van onze maart vakantie naar Andalusië, dit zijn de foto’s van de laatste dagen. Met slecht weer en veel mist een echte uitdaging, maar het zorgt wel voor sfeer op de foto’s.

Twee keer Sahara de la Sierra. In de regen en de mist. Heel sfeervol vind ik.

Links: ook in Zahara, het lief trok deze foto en zijn vinger plakte er ergens mee op dus een beetje bijgesneden, maar ik vind het een mooie foto. Rechts: Olvera in de regen.

We hadden in Ronda één dag met relatief goed weer en dat merk je meteen aan de foto’s.

Maar Ronda in de mist is ook nog steeds prachtig. Amai, ik wil terug.

En tot slot, nog drie kiekjes van Cordoba. Mijn lief moet ook nog leren om rechte foto’s te nemen 😅

Ik ben nog op zoek naar manieren om dit op een leuke manier te delen, met jullie hier of met anderen. En om zelf meer met de analoge foto’s te doen. Ik verwerk ze sowieso ook mee in mijn fotoboeken, maar alle tips of ideeën zijn welkom!

Wat doe jij met je vakantiefoto’s?

Pril

Ik wandel het station uit en er volgt een knuffel. We praten over de tocht hier naartoe, het weer, de laatste vakantie. Het gaat goed met ons beiden. Zeker bij de eerste ‘Cava?’ die we aan elkaar stellen. Nadien komen de verhalen wat meer los. Over nieuwe dingen in ons leven. Zij over haar nieuwe job. Ik over de perikelen op onze oude job.

We wandelen en kijken regelmatig om ons heen. Spotten een luie kat, wat street art, andere mensen en hun gewoontes. De verhalen blijven komen, tussen wat we opmerken heen. Bij een eerste tussenstop keren we terug in de tijd. Over mijn familie, haar familie. Over wie we zijn en wie we zijn geworden.

De zon schijnt, we wandelen verder en verder. Alsof het gedachten helpt oproepen en we ze samen ontwarren. Stilaan moe, blijven we toch nog even stappen. Een park waar we even zitten. En nadien keren we terug naar het begin van de dag. Naar het station. En weer die knuffel. Nog een berichtje op het einde van de dag met een selfie die tussendoor werd genomen met twee lachende gezichten. Gedachten gedeeld, voeten moe.

– Een korte mijmering over een prille vriendschap. Want dat is niet evident als dertiger. Maar oh zo fijn.

Short hair, don’t care

Ik weet niet meer goed waar ik het las, maar er passeerde een artikel over dat mannen liever niet hebben dat vrouwen kort haar hebben. Een paar dagen later ging het op kantoor over kort haar (onder de vrouwen), naar aanleiding van een vrouwelijke collega met een nieuwe korte coupe. Het kwam erop neer dat iemand anders niet durfde want haar vader vindt kort haar niets voor vrouwen. En dat ze zich er niets van wilde aantrekken, maar dat ze toch niet verder durfde dan een bob. De collega in kwestie die wel net kort haar heeft is sinds een jaar uit elkaar met haar vriend en dus single.

Ik zit sinds dit jaar in twee dansscholen en in de aanloop naar het optreden gaat het altijd over hoe we ons haar gaan doen. In een hoge staart, een lange staart, een dot… Ik kan met mijn haar niets doen buiten het gewoon laten liggen. In beide dansgroepen ben ik de enige vrouw die geen staart kan maken en dus kort haar heeft.

Ik vroeg aan mijn kapster of veel vrouwen kort haar hebben of aan haar vragen om het kort te kappen. Het is deze kapster die me ooit had aangeraden kort te gaan omdat het beter bij mijn gezicht past. Ze zei eerlijk dat veel vrouwen de stap niet zetten omdat hun partner liever heeft dat ze lang haar dragen. Ook al weet zij als kapster dat ze er beter mee zouden staan en stelt ze dat dus proactief voor.

Ik zette zo’n 12 jaar geleden de stap naar kort haar, toen ik nog studeerde. Na een mislukt krullenexperiment dat mijn haar vanonder kort had gemaakt en dus een eerlijke nieuwe kapster. Mijn vader vond het maar niks, en zal dat nog steeds vinden, maar alles went want ik ben zelfs niet meer tot aan een klassieke schouderlengte bobmodel geraakt. Ik kreeg nog soortgelijke reacties van oudere generaties. Maar als je 20 bent, trek je je dat niet aan.

Ik las in het artikel dat kort haar dragen een feministische daad is. Ik weet niet of het toeval is. Ik was toen ik studeerde niet zo fel bezig met feminisme als vandaag, maar misschien wat het toch al een verdoken daad van mezelf uiten. Van verzet tegen de mannelijke waarden in onze maatschappij. Ik ben ooit heel kort gegaan met een geschoren coupe, want dat wou ik eens doen. Ook al vond ik het zelf achteraf gezien iets minder bij me passen. Haar groeit zo snel terug, dat het eigenlijk niet uitmaakt.

Ik noteer al deze dingen en ik besef dat het theorie bevestigende observaties zijn. Misschien is kort haar helemaal niet zo erg voor de gemiddelde man. Misschien heeft het niets met feminisme te maken.

Er is een norm. En lang haar bij vrouwen is de norm. Niets mis met de norm te volgen trouwens. Ik vind alleen dat elke vrouw haar haar zou mogen dragen zoals zij het wil. Voor haarzelf. Ik heb gewoon veel te veel gesprekken met andere vrouwen die me complementeren met mijn kort haar maar aangeven dat ze zelf die stap niet durven zetten. Doodjammer is dat.

Zuidwest Engeland & Cotswolds #1: de colleges in Oxford

In augustus 2025 werd onze zomervakantie een roadtrip doorheen Zuidwest Engeland & de Cotswolds, met ook tijd voor een citytrip door Oxford. In deze overzichtspost vind je alle info qua vervoer, verblijf en reisplanning. Ik neem jullie daarnaast graag mee door de highlights van onze trip.

Vandaag beginnen we in Oxford, het start- en eindpunt van onze trip. Een geweldige universiteitsstad die heel Leuvens aandeed en dus voelden we ons er meteen thuis.

Oxford wordt gedomineerd door de colleges. Dat zijn geen faculteiten zoals wij ze kennen, maar zelfstandige colleges die elk een eigen reputatie hebben (intellectueel, sportief, politiek…) en hun eigen gebouwen beheren. Daardoor vind je universiteitsgebouwen doorheen de hele stad want Oxford telt momenteel 36 colleges – waarvan de oudste in de 13de eeuw werden gesticht. Elk college is heel gegeerd, vanuit binnen- en buitenland – enkel de besten raken binnen – en de rivaliteit met Cambridge is groot.

Heel wat colleges zetten hun deuren open voor toeristen. Elk college is opgebouwd rond een centraal rechthoekig plein of quad(rangle). Wij bezochten er twee tijdens onze trip: Christ Church en New College.

Christ Church college

Dit is meteen een specialleke omdat op dit domein ook de kathedraal van het bisdom Oxford staat. Christ Church is dus zeer gegeerd om te bezoeken: elke vrijdag gaan de tickets open voor de komende week. Je moet dit dus zeker op voorhand boeken. Een ticket kost 23 euro per persoon, inclusief goed audiogids. Prijzig ja, maar ik vond dit absoluut de moeite.

Christ Church is omgeven door groen met de Christ Church meadow, een heerlijke plek om te picknicken, joggen of te wandelen. Aan de ticketbalie haalden we onze audiogids op en we gingen naar binnen. De audiogids zat goed in elkaar en vertelde over de geschiedenis, maar ook huidige studenten kwamen aan het woord en geven meer uitleg over hoe het leven op het college eraan toegaat.

Christ Church werd in de 16de eeuw gesticht door Thomas Wolsey, kardinaal en kanselier van Henry VIII, toen heette het Cardinal College. Na diens val nam Henry VIII het college zelf over en het college kwam zo onder de Anglicaanse kerk.

Vandaag is het college heel populair omdat de eerste film van Harry Potter er werd gefilmd in de prachtige eetzaal en trappenhal. Ik ben zelf geen potterhead, en het Harry Potter toerisme in Oxford had ik wat onderschat ofzo.

De machtige eetzaal bevat heel wat portretten waaronder die van Henry VIII, Cardinal Wolsey en Elizabeth I. Daarnaast is er ook een specifiek glasraam over Alice In Wonderland, want Lewis Caroll studeerde af aan Christ Church en schreef in die periode het bekende kinderboek.

Tom Quad met Tom Tower

Hij is niet de enige bekende alumni. Maar liefst 13 eerste ministers van het Verenigd Koninkrijk studeerden hier af. Een architectureel hoogtepunt van de tour is Tom squad, ooit aangelegd door Cardinal Wolsey, maar nu geflankeerd door de Tom tower van Christopher Wren in laatgotische stijl om te passen bij de originele gebouwen.

Links: Tom Tower. Rechts: Canterbury quad

Eén grasplein verder vind je het meer classicistische Canterbury quadrangle. Op de muren worden de resultaten van de meest recente roeiwedstrijden – dé sport onder de studenten – bijgehouden.

Wat verderop kan je dan de kathedraal bezoeken. De vroegste stukken dateren uit de 12de eeuw, maar de kerk is vandaag vooral hooggotisch, in die typische engelse perpendicular stijl. Met prachtige glas-in-loodramen en een opvallend stergewelf.

De glasramen trekken echt wel de aandacht. Het oudste is van de 14de eeuw met nog een afbeelding van Thomas Becket die overeind is gebleven tijdens de reformatie. Meer recente glasramen zijn van de hand van Edward Burne-Jones, een bekende naam uit de Engels arts & crafts beweging.

Ik vond het een prachtige kerk, een prelude voor de vele gotische pracht die we ook in Bristol en Bath nog zouden ontdekken. We deden zo’n twee uur over een bezoek aan Christ Church. De audiogids gaf veel duiding die het bezoek toch iets extra gaf, dus ik zou zeker aanraden die te luisteren. Duik na je bezoek ook even Alice’s shop binnen, een leuke winkel helemaal in het teken van Alice In Wonderland.

New College

De dag nadien kozen we voor New College. Hoewel de naam iets anders laat uitschijnen is dit één van de oudere colleges van de stad. Het werd gesticht in de 14de eeuw door William of Wykeham. Een ticket kost 13,50 euro en wij hebben gewoon aangeschoven aan de ingang.

Je kan een audiogids via je gsm luisteren, maar die vonden we niet zo goed als die van Christ Church dus uiteindelijk liepen we vooral zelf een beetje rond.

Die gotische kloostergang met een tuin in het midden, hier zie ik mezelf ook wel studeren.

Ook New College komt blijkbaar voor in een Harry Potter film. Er staat ergens een bekende boom. De boom zelf is absoluut niet speciaal, maar dat zorgde ervoor dat wij de kloostergangen wat meer voor onszelf hadden, haha.

Links: de Harry Potter boom. Rechts: de eetzaal

Ook hier kan je de eetzaal bezoeken. De kapel was helaas dicht en zou ook de moeite zijn. Daarnaast is er een prachtige ommuurde tuin.

Keuze genoeg

Met 36 colleges is de keuze enorm. Wij waren er eind augustus en dus waren sommige colleges niet open. Je kan een aparte college tour boeken of bij veel colleges kan je even door de eerste deur piepen. Magdalen College zou ook de moeite zijn en is vaak open. Je kan denk ik niet verkeerd kiezen – loop binnen waar het open is en mooi lijkt. Een college bezoeken is wat mij betreft wel een must om deze universiteitsstad te kunnen begrijpen.

Links: Lincoln College quad vanaf de toegangsdeur, hier heeft prinses Elizabeth gestudeerd. Rechts: Jesus college quad, vooral in trek bij studenten uit Wales

Wandel ook zeker eens naar de Magdalen bridge waar je de typische puntboten kan zien, een eeuwenoud tijdverdrijf.

Links: voorkant Balliol college. Rechts: puntboten

Mocht je op dagtrip vanuit Londen naar Oxford, ga je wel moeten kiezen want naast de colleges is er nog veel meer te zien in Oxford. Daarover volgende keer meer.

Op mijn reisgidspagina vind je een handig overzicht van alle bestemmingen die ik bezocht en de bijhorende blogposts die ik erover schreef. Zo vertrek je nooit zonder inspiratie op vakantie.

Juni

Je zou het met deze hitte bijna vergeten maar de maand begon eigenlijk met echt slecht weer. En ik herinner me er daardoor niet super veel van. Het lief was enkele dagen op vakantie en dus was ik alleen thuis. Ik trok een avond naar een vriendin in Antwerpen om bij te babbelen.

Beste lunch van de maand!

We speelden spelletjes, ik ging glutenvrije vegan pannenkoeken eten en begon met inpakken want halverwege de maand was het tijd voor mijn jaarlijkse citytrip met Leen. We vlogen naar Tallinn, de hoofdstad van Estland. Omdat we in juni liever naar het noorden dan naar het zuiden gaan en omdat Tallinn een pak betaalbaarder bleek dan pakweg Kopenhagen of Stockholm.

Links: op de brutalistische Linnahall. Rechts: Uitzicht over het oude Tallinn vanop de Troompea heuvel

Ik wist niet wat ik moest verwachten en was ook eigenlijk niet zo voorbereid. Maar Tallinn is echt een aanrader. Het heeft een oud middeleeuws centrum (UNESCO werelderfgoed) met nog heel wat stadsomwalling en torens die zijn blijven staan, er is een park met kunstmusea, een hipper district met street art en leuke eetplekken en de zee is op tien minuutjes wandelen van het centrum.

Links: Telliskivi creative district. Rechts: vaste installatie in het KUMU

Het duurde even voor ik echt kon landen daar. Mijn hoofd zat nog vol van het werk. Ik had vlak voor vertrek een lichte verkoudheid opgelopen (decompressie is a bitch). Tegen dag drie zat ik er wel helemaal in, helaas moesten we de dag erna al naar huis 😄.

Met het eten is het ook wel gelukt. Ik heb twee keer een beetje zuivel binnengekregen en kon eigenlijk altijd glutenvrij eten. Het was soms wel wat zoeken en sowieso meer plannen. Op een echt effect is het nog even wachten, dit is vooral de voorbereidingsfase om mijn darmen wat rust te geven.

Links: nonnentoren stadsomwalling. Rechts: Pirita Ruïnekerk in de regen

Het weer was niet zoals hier. Je zit er aan de zee dus de wind waait voortdurend. We hadden één dag met veel regen en de andere dagen zo’n 18-20 graden en wat zon of wolken. Maar wat een gezellige stad en niet zo toeristisch druk, als je de groepen van de cruiseboten die overdag de stad als een malle doorkruisen niet meetelt 😅.

Middeleeuwse gezelligheid in het oude stadscentrum.

Genoten dus en ook wel blij dat eens thuis de zon terug scheen. Het was wat extreem, maar ik vind dat ik als zomermeisje niet mag klagen. Ik heb het geluk dat op het werk sinds enkele jaren airco hangt, want er was meteen weer veel te doen. Thuis warmt het snel op, maar ’s avonds is het heerlijk vertoeven op ons terras. Ik besef dat ik geprivilegieerd ben in hoe ik de hitte kan doorkomen.

We gingen naar de koers, want de Belgium Baloise Tour streek één dorp verder neer. We gingen ook naar een lokaal optreden de dag erna om midzomer te vieren én op het werk was er onze afsluitende kwartaalmeeting van eind juni – in de airco – met cocktails en slaatjes.

Mooie avondluchten én koers.

En het laatste weekend bleven we vooral thuis gezien de warmte. Juli wordt een rustige maand, dus ik hoop op veel lange zomeravonden.

Gelezen

In juni las ik vooral één dik boek en dan wat luchtige lectuur op de trein.

  • De erfgenamen van Falcones was dat dikke boek. Het vervolg op ‘De kathedraal van de zee’. Een boek over Hugo Llor die in het middeleeuwse Barcelona wijnhandelaar wil worden, maar de ene na de andere uitdaging krijgt voorgeschoteld. Er wordt ook dieper ingegaan op het lot van de Joden. Minder goed dan het eerste boek, maar nog steeds echt een onderdompeling in het gewone leven tijdens de middeleeuwen.
  • The queen’s painter was een tussendoortje over Hans Holbein die na de dood van Anne Boleyn wraak wil nemen. Het was mijn eerste Wendy Holden boek die ook over Diana en de Windsors heeft geschreven, maar helaas was het niet zo’n sterk verhaal.
  • The queen’s sister is het nieuwste boek van Carol McGrath. Het boek gaat over Elizabeth Seymour, de zus van Jane Seymour die trouwt met de zoon van Thomas Cromwell en zo zijn ondergang van dichtbij meemaakt. Dit was echt een goed Tudorverhaal.

Hoe was juni bij jou?

Mijn start met zuivelvrij en glutenvrij eten

Ik vertelde in mijn terugblik van mei al dat ik momenteel voor mijn darmgezondheid/PDS gestart ben met tijdelijk zuivelvrij en glutenvrij eten. Iets waar ik met veel motivatie aan begon, maar waar ik mentaal soms toch wel tegen wat dingen loop.

Wat context: ik ben niet allergisch, wat maakt dat bv. kruisbesmetting geen probleem is. Ik eet even geen zuivel en gluten om mijn darmen – die slecht verteren en te veel slechte bacteriën bevatten – wat rust te gunnen. Nadien gaan we terug opbouwen. En ik doe dit hele traject uiteraard in overleg met een diëtist en mijn huisarts.

Ik zit ondertussen in week zes en moet mezelf regelmatig inprenten dat het maar tijdelijk is. Ik stond er denk ik niet bij stil wat de impact is van het feit dat je bij alles wat je in mond stopt moet nadenken. En ook bij alles wat je in de supermarkt koopt. Zelfs met simpele dingen als kruiden. Maar thuis kan je alles controleren, het is pas op locatie dat alles wat moeilijker wordt.

Alle sociale dingen worden plots extra geregel en planning. Bij al geplande etentjes moest ik menukaarten afspeuren naar opties om te eten, lunchkes op het werk zijn niet langer een makkelijke boterham, chips of taart op de toog daar moet ik afblijven, een ijsje gaan eten wordt sorbet in een potje ipv een hoorntje. Soms word ik er een beetje moe van, het is zomer en ik wil absoluut niet sociale dingen moeten skippen omwille van het nieuwe dieet.

Uiteraard reageren mensen positief en willen ze zich aanpassen. Een ander restaurant, aangepast koken, het was nog nooit een probleem. En ik heb geen echte intolerantie dus als ik ergens ben en ik kan niet anders dan toch zuivel (bij voorkeur zuivel, geen gluten) eten, is het niet erg. Voor mensen met een echte allergie of aandoening zoals coeliakie die bij de minste kruisbestuiving erge klachten ontwikkelen moet het allemaal nog zoveel meer zoeken zijn.

Tegelijk probeer ik ook wel trots te zijn op het feit dat het lukt. Met vallen en opstaan. Er zijn al tranen gevloeid in de supermarkt omdat ik het glutenvrije rek niet vond of omdat ik met mijn maandstonden toch echt wel goesting had in een stuk chocola. En de zoektocht naar lekkere vegan kaas heb ik allang opgegeven.

Mijn persoonlijkheid ziet deze dingen natuurlijk zwart-witter dan het zou moeten. Ik zou af en toe eens mogen zondigen, maar dat vind ik heel moeilijk in mijn hoofd ofzo?

De echte test zal deze week mijn citytrip naar Tallinn zijn. Het ontbijt kunnen we controleren, voor de rest zal het afgaan zijn op wat er is. De restaurants ’s avonds zijn geboekt, en overdag zien we wel. Genoeg glutenvrije koeken op zak voor het hongerke dat komt. Want ik heb plots wel veel sneller honger dan vroeger. Voor de rest is het nog wel een tijdje wachten tot dit aangepaste dieet effect zal hebben. Ik hou jullie op de hoogte!

Mochten jullie geïnteresseerd zijn, wil ik wel eens wat recepten of shopping tips delen, maar zoals gezegd, ik ben nog zoekende.