Dit keer moesten we een zijweg inslaan, zonder de inhoud van het verhaal uit het oog te verliezen.
Gegeven: Een man voelt zich eenzaam. Hij staat op een brug en staart in het water. Hij vraagt zich af of hij niet beter zelfmoord kan plegen. Een voorbijganger vraagt of het goed met hem gaat. De man knikt en loopt door naar huis.
Zijweg: (foto) Een vlucht musjes op een hek, waarvan er eentje wat apart zit. Probeer dit beeld te koppelen aan de inhoud van je verhaal.
In onderstaand verhaal zijn enkele zinnen, na beoordeling, enigszins herschreven.
Concerto Grosso
Iedere dag begint voor Gerard, rentenierend ondernemer, in
grijstinten. Helder licht en zon dringen amper tot hem door. Vandaag valt de
regen gestaag uit een grauwe lucht.
Het weertype maakt hem nog neerslachtiger
dan hij al is.
Toch besluit hij zijn dagelijkse wandeling te maken. Op de
brug over de gracht in het stadspark staat hij stil. Peinzend kijkt hij naar de
kringen in het water die door de regen ontstaan.
Hij voelt hoe zijn kleren
doorweekt raken. Jeanine zou hem een wandeling met dit weer hebben afgeraden of
ze zou hem gezegd hebben een andere jas aan te doen.
Jeanine die over hem waakte. Zijn kleding uitzocht en hem
zodoende voor wonderlijke combinaties behoedde. Ze hield hem in de luwte als de
drukte in het gezinsleven hem te veel werd. Hoe ze hem de rust van zijn
studeerkamer gunde.
Ze overleed een jaar geleden aan de gevolgen van een
herseninfarct. Hij mist haar met elke vezel in zijn lijf. Starend in het
donkere water vraagt hij zich af of een sprong van de brug de oplossing zal
zijn voor zijn schrale bestaan. Hij stelt zich voor hoe zijn lichaam het
wateroppervlak raakt en hoe snel het water zich boven zijn hoofd zal sluiten. Hij
schrikt van zijn sombere gedachten. Is hij echt zo depressief en wanhopig? Zelfmoord
… Zou hij dat durven? Jeanine zou het een laffe daad vinden.
‘Mooi hè,
die regendruppels en de kringen die ze geven in het gladde oppervlak.
Niets zo fascinerend als water.’
Gerard schrikt op. Hij heeft niet gemerkt dat er een jonge
vrouw naast hem is komen staan. Hij kijkt in een paar helder blauwe ogen. Vanonder haar capuchon glimlacht ze naar hem.
Ze doet Gerard denken aan zijn
kleindochter. Hoe lang heeft hij haar al niet gezien?
De jonge vrouw buigt zich
voorover. ‘Gaat het goed met U?’ Absoluut niet in de stemming voor een gesprek,
maakt hij zich met een korte groet uit de voeten.
Thuis zet hij de cd met Jeanine’s lievelingsmuziek op
repeat. Hij schenkt zich een borrel in en zakt in een stoel die uitzicht geeft
op de tuin.
Terwijl de Lente uit Vivaldi’s Vier Jaargetijden de kamer
vult, kijkt Gerard naar een groep kwetterende mussen die op het tuinhek is
neergestreken. Eén mus zit apart
op een hoger paaltje. Het beeld doet hem denken aan de drukke jaren van hun
huwelijk. De vier kinderen hadden altijd vrienden en vriendinnen in hun
kielzog.
In huize Van Bergen was het een komen en gaan van jonge
mensen. Dat was begonnen op de kleuterschool en duurde tot ver in ieders
studententijd.
Natuurlijk was hij begaan met het reilen en zeilen van zijn gezin,
hij was zeker geen slechte vader geweest. Maar als het even kon onttrok Gerard
zich aan de drukte rond de grote keukentafel, waar de kinderen met hun aanhang
een wedstrijd deden in gevatheid en beter weten. Wat betreft het gezin was zijn
probleemoplossend vermogen nou eenmaal minder diplomatiek dan dat van zijn
reddende engel.
Het ene musje doet hem denken aan Jeanine, die als een
dirigent op de bok stond.
Zij dirigeerde haar orkest, inclusief gastspelers, met milde
en waar nodig, straffe hand.
Hun oudste zoon Peter zorgde voor de meeste valse noten. De
schorsing van de HAVO wegens veelvuldig spijbelen, staat Gerard nog scherp voor
de geest. Woedend was hij geweest. Een kind van hem dat zijn verantwoording
niet nam.
Jeanine had met begrip en overreding die bladzij omgedraaid
en zoonlief een schone lei aangeboden. Jammer genoeg had Peter die lei in rap
tempo volgekrast met drank, drugs en andere uitspattingen tijdens zijn HBO-opleiding
techniek.
Zijn moeder heeft daar meer verdriet van gehad dan ze hem
heeft laten merken. Gerard kan er weer boos om worden.
Uiteindelijk kwam dit kind tot inzicht en studeerde af als
ingenieur. Maar voor het zo ver was had het heel wat slapeloze nachten gekost. Het
geld voor de afkickkliniek was een peulenschilletje vergeleken bij de zorgen
die ze hadden.
Ook hun jongste Stella, viel uit de toon. Stella trouwde
jong met haar jeugdliefde en samen begonnen ze aan een studie medicijnen. Groot
was de paniek toen Stella, vlak voor haar afstuderen, zwanger bleek te zijn.
Gerard begreep niets van zoveel onverstand bij zijn dochter
en schoonzoon, maar Jeanine sprong in en zorgde ervoor dat Stella een
onbezorgde kraamtijd had. Met een korte onderbreking haalde ze alsnog haar bul.
Van het feit dat dochter en schoonzoon een bloeiende huisartsenpraktijk hebben,
heeft Jeanine gelukkig nog lang kunnen genieten.
Over de tweeling Frank en Boudewijn hebben ze zich nooit
zorgen hoeven maken. Die twee blazen met hun draagbare ontwerpen een flinke
partij mee in de modewereld. Jeanine, met haar verfijnde smaak, had daar menig
prachtig kledingstuk aan overgehouden. Zelfs
haar laatste jurk is door hun jongens ontworpen. Zij bezorgden hun moeder een
stijlvolle uitvaart.
Even ziet hij de mussen op het hek vervagen.
De telefoon haalt Gerard uit zijn overpeinzing. ‘Met Van
Bergen.’
‘Hallo Opa, met Claire.’ De vrolijke stem van zijn kleindochter,
die harpiste is geworden, zingt in zijn oor. ‘Volgende week speelt het Orkest
van het Oosten in het Muziektheater in Nijmegen de Pastorale van Beethoven.
Oma’s favoriete symfonie. Ik heb een kaart voor je gereserveerd, Mama gaat met
je mee. Kom je?’
Buiten heeft de bejaarde kater Amadeus bezit genomen van de
tuin. De mussen zoeken paniekerig een veilig heen komen. Weer wordt het beeld
wazig …
‘Opa, hoor je me? Kom je?’
‘Natuurlijk kom ik Claire, graag zelfs. Laat Mama de
logeerkamer maar klaar maken.’
Er kiert een streepje zonlicht door het grijze wolkendek.
Op de achtergrond maakt de Winter opnieuw plaats voor de
Lente.